Ik accepteer het gebruik van cookies op deze site.

Om deze website beter te laten functioneren maken wij gebruik van cookies. Wilt u meer weten over de wijze waarop wij cookies inzetten, kijk dan a.u.b. naar onze Cookie beleid.. Kiest u ervoor om door te gaan zonder je cookie instelling aan te passen, dan stemt u in met het gebruik van cookies. Indien gewenst kunt u in onze Cookie beleid instructies vinden om, door middel van een verandering in je instellingen, cookies te verwijderen.

De scrum

Met een scrum kan het spel hervat worden na een onderbreking door een lichte overtreding van de regels (bijvoorbeeld een voorwaartse pass of een knock-on) of doordat de bal onspeelbaar wordt in een ruck of een maul. De scrum verzamelt alle voorwaartsen en scrumhalves op één plek, zodat de driekwartlijn de gecreëerde ruimte kunnen gebruiken om een aanval op te zetten.

Signalen om een scrum toe te kennen (links) en te vormen (rechts)

De bal wordt in het midden van de tunnel tussen de twee eersterijen gegooid, waarna de twee hookers deze met de voet achteruit proberen te ‘hooken’ in de richting van hun teamgenoten. Het team dat ingooit, komt meestal in balbezit omdat de hooker en de scrumhalf hun acties op elkaar hebben afgestemd.

Zodra er balbezit is, kan het team proberen de tegenstanders achteruit te drijven, terwijl ze de bal in de scrum, op de grond houden. Ze kunnen de bal ook tot achter de laatste voet van de scrum brengen om hem dan de driekwartlijn in te passen, waarna het open spel hervat wordt.

De scrumhalf

De sleutelfiguur bij een scrum is de scrumhalf. Hij gooit de bal in de scrum, gaat achter de laatste voet van de scrum staan en is gewoonlijk de speler die de bal opraapt en naar de flyhalf passt (die hem op zijn beurt doorspeelt naar de driekwartlijn). Vanaf het moment dat de scrumhalf de bal opraapt, mogen de tegenstanders voor de bal gaan, en de speler die in balbezit is tackelen.

© World Rugby 2010 - 2020 | Gebruikersvoorwaarden | Privacy beleid | Cookie beleid. | Confidential Reporting Policy.